Libro · Max Havelaar
Pagina 267 di 887
Autore: Multatuli
Tempo0:00
Velocita (WPM)0.0
Precisione100.0%
Premi inizia e digita le righe esattamente. · Backspace disattivato — continua anche dopo un errore.
--De Regent ontkende gewoonlyk alles. Dan moesten er getuigen
komen ... niemand durfde tegen den Regent getuigen ...--och,
m'nheer Havelaar, die zaken zyn zoo moeielyk!
De lezer zal, voor hy myn boek heeft uitgelezen, even goed als
Verbrugge weten waarom die zaken zoo byzonder moeielyk waren.
--Mynheer Slotering had er veel ergernis over, vervolgde de
kontroleur, hy schreef scherpe brieven aan de Hoofden ...
--Ik heb ze gelezen ... heden nacht, zei Havelaar.[73]
--En ik heb hem dikwyls hooren zeggen dat hy, als er geen
verandering kwam, en als de resident niet doortastte zich
rechtstreeks zou wenden tot den Gouverneur-generaal. Dit heeft hy
ook aan de Hoofden zelf gezegd op den laatsten Sebah dien hy
heeft voorgezeten.
--Daaraan zou hy zeer verkeerd hebben gedaan. De resident was zyn
chef dien hy in geen geval mocht voorbygaan. En waarom zou hy dat
ook? Het is toch niet te veronderstellen dat de resident van
Bantam onrecht en willekeur zou goedkeuren?
Premi inizia e digita le righe esattamente.
Non iniziato