Boek · Max Havelaar
Pagina 150 van 887
Auteur: Multatuli
Tijd0:00
Snelheid (WPM)0.0
Nauwkeurigheid100.0%
Druk op start en typ de regels precies na. · Backspace uitgeschakeld — ga door, ook na een fout.
--En, ging hy voort, dit is zeer sterk, Verbrugge! Niet dat ik me
verwonder over de zaak zelf. Ik ben lang genoeg in 't Bantamsche
om te weten wat hier voorvalt, maar dat de geringe Javaan,
gewoonlyk zoo omzichtig en terughoudend waar 't zyn hoofden
geldt, zoo-iets vraagt aan iemand die er niets mee te maken
heeft, dit bevreemdt my!
--En wat heb je geantwoord, Duclari?
--Wel, dat het me niet aanging! Dat hy tot u moest gaan, of tot
den nieuwen adsistent-resident, als die zou aangekomen zyn te
Rangkas-Betoeng, en daar zyn klachten uiten.
--Ienie apa toewan-toewan datang! riep op-eenmaal de oppasser
Dongso. Ik zie een mantrie die met zyn toedoeng wuift.[31]
Allen stonden op. Duclari, die niet door zyn tegenwoordigheid in
de pendoppo den schyn wilde aannemen als ware ook hy aan de
grenzen ter verwelkoming van den adsistent-resident, die wel zyn
meerdere doch niet zyn chef, en bovendien een gek was, steeg
te-paard, en reed door zyn bediende gevolgd, heen.
Druk op start en typ de regels precies na.
Niet gestart