Kitap · Max Havelaar
Sayfa 671 / 887
Yazar: Multatuli
Süre0:00
Hız (WPM)0.0
Doğruluk100.0%
Başlat düğmesine bastıktan sonra yazmaya başla. · Backspace devre dışı — yanlış yazsan da devam et.
--'t Was in den Haag, toen Max ziek was en we zoo geschrokken
waren omdat de dokter zei dat hy een zoo ongewoon gevormd hoofd
had, en dat er zooveel zorg vereischt werd om aandrang naar de
hersenen te voorkomen, juist in die dagen was je bezig aan die
strook.
Tine stond op, en kuste den kleine.
--Ik heb haar buik, ik heb haar buik! riep 't kind vroolyk, en de
rooie mevrouw was kompleet.
--Wie hoort daar een tontong slaan? vroeg de moeder.[175]
--Ik, zei kleine Max.
--En wat beduidt dat?
--Bedtyd! Maar ... ik heb nog niet gegeten.
--Eerst kryg je eten, dat spreekt vanzelf.
En ze stond op, en gaf hem zyn eenvoudig maal dat ze uit een goed
gesloten kast in haar kamer scheen gehaald te hebben, want men
had het knippen van vele sloten gehoord.
--Wat geef je 'm daar? vroeg Havelaar.
--O wees gerust, Max: 't is beschuit uit een blik van Batavia! En
ook de suiker is altyd achter slot geweest.
Havelaars gedachten keerden terug naar 't punt waarop ze waren
afgebroken.
Başlat düğmesine bastıktan sonra yazmaya başla.
Başlatılmadı