图书 · Max Havelaar
第601页 / 共887页
作者: Multatuli
时间0:00
速度 (WPM)0.0
准确率100.0%
按开始并准确输入每行文字。 · 退格键已禁用 — 即使输入错误也请继续。
Dan zal nog eens myn verstyfde mond zich openen Om Adinda te
roepen, die myn hart lief heeft... Nog eenmaal zal ik de melatti
kussen Die zy me gaf... Adinda... Adinda!"
En nog altyd was er niemand op het pad dat van Badoer leidde naar
den boom.
O, ze was gewis tegen den morgenstond in slaap gevallen, vermoeid
van 't waken gedurende den nacht, van 't waken vele lange nachten
door! Zeker had ze niet geslapen sedert weken: zoo was het!
Zou hy opstaan en naar Badoer gaan? Neen! Mocht het schynen alsof
er twyfel was aan haar komst?
Als hy den man riep die daarginds zyn buffel naar 't veld dreef?
Die man was te ver. En bovendien Saidjah wilde niet spreken over
Adinda, niet vragen naar Adinda ... hy wilde haar weerzien, haar
alleen, haar het eerst! O zeker, zeker zou ze nu spoedig komen!
Hy zou wachten, wachten ...
Maar als ze ziek was, of ... dood?
按开始并准确输入每行文字。
未开始