图书 · Max Havelaar
第594页 / 共887页
作者: Multatuli
时间0:00
速度 (WPM)0.0
准确率100.0%
按开始并准确输入每行文字。 · 退格键已禁用 — 即使输入错误也请继续。
Ook zy zou thans, nu 't al zoo licht werd, haar oogen inspannen
met vruchtelooze vermoeienis om de blikken te buigen over de kim,
opdat ze de zon zouden ontmoeten, de trage zon, die wegbleef ...
wegbleef ...
Daar kwam een streep van blauwig rood die zich vastklemde aan de
wolken, en de randen werden licht en gloeiend, en 't begon te
bliksemen, en weer schoten er pylen van vuur door het luchtruim,
maar ze vielen niet neder ditmaal, ze hechtten zich vast op den
donkeren grond, en deelden hun gloed mede in grooter en grootere
kringen, en ontmoetten elkander, kruisend, slingerend, wendend,
dwalend, en ze vereenigden zich tot vuurbundels, en weerlichtten
in gouden glans op een grond van paarlemoer, en er was rood, en
blauw, en geel, en zilver, en purper, en azuur in dat alles ... o
God, dat was de dageraad: dat was het weerzien van Adinda!
按开始并准确输入每行文字。
未开始